Deventer tips van locals

Aantal keer bekeken:1965

Marten Heijs woont en werkt in Deventer. Die oude Hanzestad vol historie. Zijn Deventer is vol vergankelijkheid en micro-pareltjes boven de stad. En de dood. Daar begint toch ieder verhaal mee. Hij deelt zijn vijf Deventer tips.

Een bezoek aan het Deventer van de onregelmatige blogger Heijs begint met de dood, de laatste rustplaats en voert langs wijken die niet in de VVV-folder staan. Hier volgen de Deventer tips van Marten.

Deventer tips

1. De oude begraafplaats

Vlak achter het station, aan de Diepenveenseweg, ligt de Oude Begraafplaats, waar tussen 1831 en 1918 de Deventenaren werden begraven. Na 1918 veranderde het kerkhof langzaam maar zeker in een klein stukje bos in de stad, met metershoge eiken, sparren en beuken.

De paden zijn met mos begroeid, de grafstenen zijn overwoekerd,  de twee dromerige opzienershuisjes bij de ingang worden nu als woning verhuurd. Vanuit de bomen volgen ransuilen je gang. Wandel over de lange paden en al snel dringen de geluiden uit de nabije stad niet meer tot je door.

Vooraanstaande Deventenaren

Neem de tijd om de inscripties op de grafzerken te ontcijferen. Op de grote stenen tref je de namen van de rijke industriëlen en vooraanstaande Deventenaren uit de negentiende eeuw. Verstopt onder struiken vind je de kleine stenen van mensen die het wat minder hadden. Veeg er voorzichtig wat dorre bladeren af.

Kom je er iemand tegen, dan is het vast een van de vrijwilligers die de begraafplaats onderhouden. Spreek hem gerust aan. Hij vertelt je vast graag meer over het kerkhof. Kijk bij het verlaten van de begraafplaats goed naar de witte ornamenten op het opzienershuisje aan je rechterhand.

Vluchtigheid van het leven

Ze vertellen over de vluchtigheid van het leven. Ze zijn er ooit gemaakt om iedereen die het kerkhof verlaat te herinneren aan zijn eigen sterfelijkheid. Oude Begraafplaats: neem de stationsuitgang Diepenveensweg, sla links af en ga na het grote witte gebouw het klinkerpaadje in dat van de gewone straat afbuigt. Na honderd meter vind je de ingang van het kerkhof

2. De Raambuurt

Net ten zuiden van de binnenstad ligt de Raambuurt. Het is niet de wijk waar de VVV-folders en de NS-dagtochten je heen zullen sturen, maar het is wel de buurt die precies laat zien hoe het Deventer in de afgelopen 200 jaar is vergaan.

De oude pakhuizen, de ijzergieterij, de inktfabriek en een AKZO-laboratorium laten zien hoe bepalend de industrie altijd voor de stad is geweest. De oude arbeidershuizen, met hier en daar prachtige geveltuintjes, worden afgewisseld met nieuwe woningen en appartementencomplexen. Schrijfster Christine Otten schreef een indringend portret van het Deventer van haar jeugd en het geëngageerde arbeidersmilieu van haar ouders.

Industrieterreinen

Ze zijn gebouwd op de plek van fabrieken die de twintigste eeuw niet hebben overleefd of die naar industrieterreinen aan de rand van de stad zijn verhuisd. Op twee plekken rijst tussen die nieuwbouw nog een oude  gerestaureerde fabrieksschoorsteen op.

Het is een buurt waar je lekker doorheen kunt struinen, van het industrieel erfgoed kunt genieten of waar je gewoon op een bankje aan de gracht kunt gaan zitten om in het water te staren. Ruik je iets wat je heel bekend voorkomt maar wat je maar niet plaatsen kunt?

Hartjesfabriek

Dat moet haast wel de geur van zure hartjes zijn, je weet wel, die gele en roze snoepjes. Die worden hier gemaakt in de enige fabriek die in de wijk is blijven staan. De Raambuurt vind je rond de Bergpoortstraat en Bergpoortsingel.

3. Het Bergkwartier

Ooit waren er plannen om het Bergkwartier in Deventer met de grond gelijk te maken. De buurt was verkrot en verarmd en in de oorlog was er veel schade ontstaan. Na de oorlog was het een buurt waar een fatsoenlijk mens niets te zoeken had.

Geld om de eeuwenoude wijk op te knappen was er lange tijd niet tot er op het laatste moment toch  nog de benodigde middelen werden gevonden.  In de jaren ’60 en ’70 werd het Bergkwartier gerestaureerd. Deventer dankt er een van zijn mooiste buurten aan.

Bergkerk & Waaggebouw

De wijk is opgebouwd rond de middeleeuwse Bergkerk, die bovenop het rivierduin staat. In de straten er omheen vind je tientallen monumentale huizen en pakhuizen, waarvan de meeste dateren uit de periode dat Deventer een steenrijke handelsstad was.

Al die handelaren vestigden zich vanaf de twaalfde eeuw op het Bergkwartier. Elke straat, bijna ieder huis, herinnert aan de rijkdom van toen. Ga op de Brink met je gezicht naar het Waaggebouw staan en neem een van de vele zijstraatjes en steegjes die links van de Brink  tegen de berg oplopen.

4. De Kloostertuin

Aan de noordkant van de binnenstad vind je de Kloostertuin. Het is een mooie stinzentuin naast het zusterhuis van de Zusters van het Gemene leven, volgelingen van Geert Grotes moderne devotie. In het zusterhuis zit nu het stadsarchief.

De grote kloostertuin is overdag openbaar toegankelijk.  De tuin wordt omsloten door de achtergevels van de monumentale panden rondom de tuin. In de tuin staan een paar enorme bomen. In perken vind je allerlei kruiden en planten en her en der staan bankjes.

Dromend Water

In de Kloostertuin vind je ook het kunstwerk Dromend Water van Paul Keizer. Houd je buik in, werk je door de nauwe opening in het kunstwerk en ga er een poosje midden in staan. De ingang van de Kloostertuin vind je tegenover het restaurant aan Het Klooster.

5. Het Havenkwartier

Aan één dag Deventer heb je natuurlijk niet genoeg. Ga daarom naar het Havenkwartier. Het is tien minuten lopen van de binnenstad. Die wandeling loont, want in het Havenkwartier is veel te zien. Eigenzinnig ontworpen huizen, oude loodsen waarin creatieve ondernemers zich gevestigd hebben, een torenhoge zwarte graansilo waarin een foodhal komt, een restaurant, een expositieruimte, een smartlab waar je 3D kunt printen en een theatertje.

Aan de havenkade ligt misschien nog een schip te wachten tot het gelost kan worden of tot het een eindje verderop in de sluis kan worden geschut. Maar daar gaat het nu allemaal niet om. Kijk goed om omhoog, dan zie je bovenop een oude vultrechter van de graansilo en bovenop een voormalig fabrieksgebouw twee kleine en opvallende bouwsels staan en een eindje verderop tref je tussen de huizen aan de Mr. de Boerlaan een derde bouwsel. Het staat op poten. Het lijkt alsof het zo opgetakeld kan worden om een eindje verderop weer neergezet te worden.

Micro-hotel

Elk bouwsel is ontworpen door een groepje beeldend kunstenaars en architecten. In ieder bouwsel bevindt zich een zogenaamd micro-hotel. Een via smalle trapjes bereikbare hotelkamer, niet meer dan een paar vierkante meter groot, maar met ruim uitzicht over haven en stad.

Ze heten Lucy In The Sky. Het zijn pareltjes in de lucht, een prettiger plek om een dag Deventer af te sluiten is er volgens mij niet. Het Havenkwartier: Scheepvaartstraat en omgeving.

Beeld: Nicole Franken

Share at:

Anderen lazen ook

2 reacties op “Deventer tips van locals

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *