Prosta tak of hoe ik nooit Genua bereikte

Aantal keer bekeken:352

Alles wees er op dat ik die reis niet moest maken. Het begon al met de uitnodiging. Die was niet voor mij bedoeld, maar voor een bevriende reisjournalist die andere verplichtingen had en mijn naam had laten vallen. Of misschien verbeeldde ik me wel dat we bevriend waren en had ze me juist om die reden naar voren geschoven.

Genua – Het is natuurlijk een uitdaging: een Spanjofiel uitnodigen om Italië aan de man te brengen. Mijn wortels liggen gevoelsmatig op het Iberische schiereiland. Ik kan de taal grommen met het geluid van de stier die zijn poot over de uitgedroogde gele vlakte van Extremadura schraapt, alvorens tot de aanval over te gaan.

Alva’s mannen

Ik kan alle geslachtsdelen noemen die nodig zijn om je te verguizen, ik kan je eer betwisten en de moeder vervloeken die jou geboren liet worden. Mijn opa beweerde ooit dat die verbintenis met Spanje niet alleen gevoelsmatig maar ook historisch is. In de zestiende eeuw, zo had hij uitgezocht, was een van Alva’s mannen over een Vlaamse schone gegaan en had onze familie voorgoed met een licht ontvlambaar karakter belast.

En nu ging ik dus naar het land van de zangerige arrivederci’s, van de uitgerekte scusi’s als iemand op je al te lange tenen staat. Van de ravioli’s, de carabinieri’s en van Dantes hel.

Verliefd op Genua

Dat ik desondanks ja zei had met hem te maken: de dichter met het lange haar. Hij had me op afstand verliefd doen worden op Genua en me en passant duidelijk gemaakt dat je geen reisschrijver hoeft te zijn om mensen voor altijd te laten hunkeren naar een plek waar ze nooit zijn geweest en in mijn geval mogelijk ook nooit zullen aankomen.

Mijn doel was dus Genua. Dit doel was in praktische zin goed te doen. Slechts een uur vliegen van Amsterdam. Maar dat was niet wat de Italianen voor me in petto hadden. Integendeel: zij deden er alles aan om mij te ontmoedigen de Italiaanse havenstad te zien flonkeren in de baai van Ligurië.

Ilja Leonard Pfeijffer

Dat de Nederlandse dichter en schrijver Ilja Leonard Pfeijffer er na een fietstocht naar Rome uiteindelijk was beland om er nooit meer weg te gaan, leek een wonder. Want zoveel wegen als er naar Rome leiden, zo weinig voeren er naar Genua.

Het begon met de vlucht. Op de dag voor vertrek ontving ik biljetten voor een reis op naam van mevrouw Ani Kadebunel. Deze mevrouw Kadebunel zou om 7. 00 uur ‘s morgens niet naar Genua vliegen maar naar het 500 kilometer zuidelijker gelegen Rome. Daar zou ze om 9.00 uur landen en mocht ze zich zes uur lang werpen op alle Gucci ’s die de luchthaven bood, tot een andere vlucht haar naar Genua zou voeren.

Apricale

Eenmaal in Genua zou ze eveneens enkele uren op het vliegveld verblijven tot een bus haar diep in de avond naar het bergdorpje Apricale zou brengen. Apricale is drie uur rijden naar het westen en twee keer vallen van Nice. Vanuit dit bergdorpje zou ze de volgende morgen langs de Italiaanse Riviera terug rijden om Genua te bereiken.

Ik staarde gebiologeerd naar het papier en had direct te doen met die arme mevrouw Kadebunel. De fietstocht van Pfeijffer uit Leiden leek simpeler. Hoe was het iemand gelukt zo’n reis in elkaar te zetten?

Betwiste identiteit

Ik mailde de organisatie dat ze me de verkeerde papieren hadden gegeven maar de Italianen beweerden bij hoog en laag dat ik Ani Kadebunel was en met deze papieren zou moeten leren leven.

Nou is mijn identiteit me al eerder betwist. Zo was er ooit een man die niet wilde dat ik het door hem aangeschafte boek van mij zou signeren omdat hij zeker wist dat ik ik niet was.

Maar laten we wel wezen met een naam als Ani Kadebunel word je nooit een beroemd schrijver.

Alitalia

Ik kreeg een nieuwe naam en een nieuw ticket waarin de wachttijd op Rome tot een uur was gereduceerd. Detail was wel dat ik slechts een ticket voor Rome kreeg. De tweede vlucht was met Alitalia. Helaas was hun computersysteem kapot waardoor mijn wel aangeschafte maar nooit uitgespuugde ticket kwijt was geraakt.

Ik ben een neuroot. Mensen denken mogelijk dat ik een koelbloedig reiziger ben, maar niets is minder waar. Ik ben een stresskip. Een stresspollo zouden de Spanjaarden zeggen. Ik kan niet tegen onvoorziene omstandigheden. En deze route was genoeg om me volledig van de kaart te laten zijn.

Volgens Ilja Pfeijffer die met zijn toenmalige Siberische vriendin Gelya naar Rome fietste en uiteindelijk voor altijd in Genua belandde, hanteerde zijn toenmalige vriendin de flodderfilosofie van prosta tak.

“Alles wat waardevol en belangrijk is, gebeurt gewoon zo. Wie van tevoren alles plant of voorbereidingen treft, kan zich alleen maar zorgen maken om dingen waar niemand iets aan kan veranderen.”

Een waardevolle filosofie maar een die aan mij helaas niet besteed is. Zeker niet als ik kort na de vliegbiljetten een mail ontvang met de vraag: “Ga jij MORGEN naar Genua? Weet je wel dat daar code rood is uitgeroepen, alle scholen zijn dicht. Iedereen blijft binnen.”

Stresspollo

Ik ben niet alleen een stresspollo. Ik ben een stresspollo met vliegpaniek. En toen wist ik nog niet eens dat de luchthaven van Genua een strook in zee was.

En dus stond Ani Kadebunel de volgende morgen om 6.00 uur bibberend op het stationnetje van Dieren. Op de laatste dag van haar leven. Een leven dat vroegtijdig in Italië zou eindigen. Of in Nederland, want ook de NS had last van Italiaanse bevliegingen. Ze hadden die morgen besloten dat je met het inzetten van slechts de helft van hun materieel ook je doel moest kunnen bereiken.

Breukelen

Mogelijk waar, maar niet als die helft geplaagd wordt door seinstoringen. En dus strandde ik in een weiland bij Breukelen waar ik me afvroeg wat ik allemaal zou gaan doen nu het er op leek dat ik toch niet doodging.

Prosta Tak! Letterlijk: Zo simpel! Nou simpel? Als je je een beetje voorbereid en de nodige apps op je telefoon hebt, kom je uiteindelijk toch op Schiphol en haal tot je eigen verbazing ook nog het vliegtuig naar Rome. Sterker nog, alle prosta taks ten spijt, was ik gewoon naar de KLM-balie gelopen en had gevraagd of ze eens wilde zien of ze niet ergens een flintertje bewijs van mijn vlucht naar Genua konden vinden in de krochten van hun computer.

Ligurië

En dat vonden ze. Weliswaar een heel dun blaadje wat in niets op een e-ticket wees, maar kennelijk voldoende om de Italianen en het lot ervan te overtuigen dat mijn leven boven de zee van Ligurië moest eindigen.

In de rij om in te checken voor Genua kwam een oudere vrouw naast mij staan. Zij staarde mij aan. “Aangenaam Ani”, zei ik bijna toen ik mijn hand uitstak. “You know about ze ret code?”, vroeg ze, om te vervolgen met: “Het komt in Genua geregeld voor dat vliegtuigen de landingsstrip missen en in zee belanden.” Duitsers en hun defaitisme! Ik was een zenuwinzinking nabij. Kon het nog erger? Ja het kon nog erger!

Demente vrouw

Toen iedereen zat en ik me gelukkig prijsde met twee lege stoelen naast mij, werd er een brancard het vliegtuig ingereden. Een demente vrouw werd ontkoppeld. Een zeer dikke zoon perste zich in de stoel naast mij terwijl zijn moeder in de stoel aan het gangpad werd gevouwen.

“Hoeihoei”, kreette de vrouw met hoge stem waarbij ze emotieloos voor zich uitkeek. Doodgaan in een vliegtuig boven zee met een demente bejaarde die non-stop hoeihoei krijste. Wat had ik in godsnaam misdaan?

Dantes Hel

Boven de zee van Ligurië brak Dantes hel los. Het vliegtuig wervelde door de lucht als een blaadje. Dan werd het weer opgepikt en op een luchtstroom naar rechts geworpen. Om even later weer naar links te stuiteren. Ik zat gevangen tussen een zwarte lucht en een zwarte zee.

“Hoeihoei” deed de vrouw op de toppen van haar stem. Ik droop in mijn eigen zweet. Ik zag hoe het vliegtuig zwenkend en zwierend slechts enkele meters boven de zee hing. Mijn laatste minuut ging in. “Hoeihoei”

En toen ineens verrees er kennelijk beton uit de zee. Want het vliegtuig vond vastigheid en gleed hangend in de remmen over het water de vliegbaan op. “Hoeihoei”

Code rood

Toen Ani Kadebunel eindelijk in de Genuese aankomsthal stond, moest ze nog uren wachten op de rest van de groep. Een poging een taxi aan te houden om gedurende die uren Genua te gaan verkennen, liep op niets uit.

“Het is code rood mevrouw, alleen gekken wagen zich buiten.” Prosta tak!

Tekst Anneke de Bundel – Beeld: Shutterstock

Deze reis vond plaats op uitnodiging van Enit, Italiaans National Tourisme Bureau

Genua praktisch:

Meer Italië? Lees ook:

Boeken over Genua? Lees:

Blogs over Genua? Lees:

Share at:

Anderen lazen ook

3 reacties op “Prosta tak of hoe ik nooit Genua bereikte

  1. Hahaha, heerlijk. Dat is precies hoe het reizen mij vergaat… Iedere reis die ik maak heb ik in gedachten minimaal één keer geannuleerd en bij elke reis vraag ik me ernstig af wat me toch bezielde (en vraag ik me af of mijn testament nog op orde is enzo). Mw. Kadebunel lijkt me overigens een vrouw met een verhaal, neem haar eens mee als je (eindelijk!) eens naar Hamburg komt! 😉

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *