Leuven, de vijf tips van…

Aantal keer bekeken:4732

Ik heb een haat-liefde verhouding met Leuven. Ik kan de stad bewonderen en bewieroken voor haar rust en authenticiteit, maar ik kan haar ook vervloeken voor haar rommelige ruimtelijke ordening of haar provinciale truttigheid. Dat is helemaal niet erg, want ik lijk erg op mijn stad.

Leuven – Ik heet Wannes en ik ben onder andere grafisch vormgever. Ik ben geboren in Leuven, maar getogen in Limburg. Na een trits mislukte studies ben ik in Leuven blijven plakken. Sindsdien plakt Leuven ook aan mij. Zo. Meer woorden zal ik er niet aan vuil maken, er staan er hieronder genoeg.

Leuven tips

Vragen? Klachten? Trek aan mijn virtuele mouw! Ik durf mezelf authentiek te noemen, maar de eerlijkheid gebiedt me toe te geven dat ik soms ook een rommelig trutje ben. Leuven en ik, wij zijn twee handen op een buik.

Een buik die bruist van feest en schoonheid, maar ook een buik waarvan de eeuwenoude ingewanden zich onontwarbaar verstrengelen met moderne maagvergrotingen en onverzorgde open wonden. Hier volgen mijn Leuven tips:

1. Leuven en ruimtelijke ordening

Ga lekker onderuit hangen op een van de talrijke terrasjes op het door statige gevels omzoomde stationsplein. Kijk recht vooruit en bewonder het opgepoetste en eclectische stationsgebouw, dat dateert uit 1875. Ook de binnenkant is recentelijk – op indrukwekkende wijze – gerestaureerd.

Kijk vervolgens naar de wanstaltige overdekte busperrons aan de linkerkant, of de megalomane stationsoverkapping aan de achterkant. Bewonder – om het plaatje compleet te maken – ook de lange rij bouwdozen van glas en beton ter rechterzijde van het station.

Leuvense stationsomgeving

Constateer dat ruimtelijke ordening een rekbaar begrip is, en dat de Leuvense stationsomgeving het begrip kakofonie een geheel nieuwe dimensie geeft.

Als architectuur popmuziek was, dan hoorde je nu de Pet Shop Boys met behulp van de partituur van Le Sacre du Printemps een death-metalversie brengen van Stairway to heaven, waarvan een in tweeën gehakte Armin van Buuren een onafgewerkte dubstep remix probeert te maken, en dat met een kapotte xylofoon. Heerlijk.

Leuven tips locals stadspark

Leuven is – godzijdank – een behoorlijk groene stad. En dan bedoel ik niet de palmbomen in het plantsoen bij de busperrons of de genetisch gemuteerde kerstboom op het Artoisplein. Zelfs het centraal gelegen stadspark laat ik even links liggen.

2. Vergeet het stadspark

Daar kom je vast wel een keer toevallig langs. Waar je niet zomaar per ongeluk terecht komt, zijn een aantal kleinere verborgen groene parels. Het parkje bij de Sint-Geertruiabdij is een mooi voorbeeld. Via de Halfmaartstraat of vanuit de elleboog in de Karel van Lotharingenstraat kom je terecht op een idyllisch groen binnenpleintje, waar de bankjes een uitgelezen locatie vormen voor een eerste voorzichtige kus met je nieuwe liefde.

Ook zeer geschikt voor romantische doeleinden, is het bomenrijke park naast het strontversleten Kartuizerijklooster. Alleen al de ingang – in de Bankstraat – druipt van de romantiek.

Dijlepark

Je geraakt er ook via de Tervuursevest. Oude roestige hekken scheiden het pad van een lommerrijk stukje natuur waar je op warme lentedagen moet uitkijken dat je geen kabouters plat trapt. Het zou kunnen dat de roestige hekken dicht zijn, maar een ware romanticus laat zich daar natuurlijk niet door tegenhouden.

Nog een miniatuurparel is het Dijlepark, verscholen tussen Schapenstraat en Redingenstraat. Er zijn drie mogelijke ingangen, maar de mooiste is die via de Zwartzustersstraat. Zoek het doorgangetje tussen de twee Dijle-armen, vlak naast de sluis. Het Dijlepark is klein maar prachtig.

Abdij Keizersberg

Er is een vijvertje met een bruggetje dat gebruikt zou kunnen worden in een of andere Hobbitverfilming, en als je het seizoen goed weet te kiezen, word je bij schemer getrakteerd op gratis kikkerconcerten.

Wat je zeker ook niet mag vergeten is het park van Abdij Keizersberg, hoog tegen de noordelijke flanken van de stad. Het park is te bereiken via een onbekend aantal stiekeme sluipweggetjes, dus ga zeker op onderzoek uit. Al was het maar om de monniken te ambeteren. De hoofdingang is te bereiken via de Mechelsestraat.

Leuvense skyline

Religieus maar indrukwekkend is het grote Mariabeeld aan de rand van het park. Het beeld heeft om één of andere reden een boeleke op de arm, en kijkt uit over de stad. Van de Leuvense politie mag je niet te dicht bij dat beeld komen, maar dat wil niet zeggen dat ze het je ook gelijk moeilijk maken.

Aan de sokkel van Maria ligt een ideaal uitkijkpunt om de Leuvense skyline te bewonderen. Val niet van de berg tijdens je subversieve wandelingen, en moest je onderweg de arm der wet tegenkomen: ik weet van niks.

Leuvense Vaartkom

In de zuidoostelijke hoek van het Keizersbergpark glooit een steil weggetje en een zigzagtrap weer naar benee. Vanop die trap is het wederom genieten van een prachtig uitzicht, ditmaal over de Leuvense Vaartkom. De Vaartkom is – net zoals de stationsomgeving – een prettig gestoord allegaartje van oude rommel en nieuwerwetse architectuur.

Eenmaal beneden is het plezierig uitpuffen op het terras van het Entrepot, een vrolijke en ruime taveerne die het verlengstuk vormt van kunstencentrum Opek. Bonustip: Tegenover de kerk bij de eerder genoemde Sint-Geertruiabdij, aan de ingang van het Klein Begijnhof, bevindt zich één van de laatste openbare urinoirs van de stad.

Pissoir

Liefhebbers van gespecialiseerde natuur kunnen zich bij dit prehistorische scharminkel vergapen aan de miniatuurbiotoop die zich met de hulp van een dikke laag mos en algen in het pissijn gevestigd heeft.

Zorg wel voor een mondkapje.

3. Bouwwerven en bouwvallen

Leuven is voortdurend in opbouw. In elke straat en op elke hoek is wel een bouwwerf te vinden. Onafgebroken worden straten vernieuwd, panden gerestaureerd, en masturberen hippe architecten zich een eind in de rondte.

Omdat verval en heropbouw geen statische begrippen zijn, heeft het weinig zin om hier de mooiste bouwplaatsen van de stad op te sommen. Een klein uurtje verdwalen moet volstaan om enkele meesterwerken van afbraak en wederopstanding te vinden.

Brouwerij Artois

Op het moment van schrijven zijn de leegstaande gebouwen van brouwerij Artois een aanrader. Deze monumentale pakhuizen en fabrieksgebouwen gaan namelijk as we speak tegen de vlakte om plaats te maken voor de natte droom van een dik betaalde aannemer.

Als je – zoals ondergetekende – graag naar bouwputten en bulldozers kijkt, aarzel dan niet. Leuven kent ook een groot aantal versleten panden waar de sloophamer graag werk van zou maken, maar zo snel gaat dat allemaal niet.

Leuvense herenhuizen

Een groot percentage van de Leuvense herenhuizen en studentenwoningen is in handen van huisjesmelkers, die liever een paar decennia arme studentjes centen uit de zakken kloppen dan de dure rekening van een restauratie of afbraak te betalen.

Stap een willekeurig studentenhuis binnen – je herkent ze aan de lijstjes met morsecode bij de voordeur – en vraag de inwoners om een rondleiding. Als ze niet aan het blokken zijn, zullen ze je met plezier de collectie schimmels achter de douche of de vervaarlijk wiebelende trapleuningen laten fotograferen.

Accodrukkerij

Om – wat betreft vergane glorie – toch een specifieke tip te geven, bezoek zeker de oude gebouwen van de Acco-drukkerij in de Kaboutermansstraat. Een gigantisch leegstaand pand dat al enkele jaren op prachtige wijze ligt te verslijten. Klimop en hagenwinde groeien er door ramen en kieren naar binnen, en gaan een artistiek huwelijk aan met de talrijke groteske experimenten van graffiti-kunstenaars.

Het gebouw is een doolhof van gangetjes en kleine kamertjes, en voorzichtigheid is geboden tijdens een bezoek. Ik weet bijvoorbeeld niet hoe lang de monumentale trap in de inkomhal nog veilig te betreden is. Eventuele ontmoetingen met uitslapende krakers of overijverige agenten zijn uiteraard voor eigen rekening.

4. Poortjes en gangetjes

Leuven kent een groot aantal steegjes, poortjes, binnenweggetjes en andersoortige doorgangen. Veel van die pareltjes zitten enigszins verstopt, zodat de gemiddelde stadswandelaar er achteloos aan voorbij banjert. En dat is jammer, want de mooiste en soms ook vreemdste stadsplekken zijn te bereiken via deze charmante kleine paden.

Veel poorten en doorgangen onder huizen lijken nietszeggende doodlopende steegjes, maar schijn bedriegt. Wandel de eerstvolgende keer dat je zo’n poortje ontdekt niet angstig verder, maar laat je stoute schoenen je naar het onbekende Leuven leiden.

Toeristische dienst

Pittoreske binnentuinen, harmonische hangplekken, en sprookjesachtige binnenweggetjes zullen je deel zijn. Op eigen houtje valt er zonder twijfel veel te ontdekken, maar er zijn ook thematische wandelingen langs de mooiste paadjes en tuinen. De toeristische dienst helpt je ongetwijfeld graag verder.

Leuven telt bijna 100.000 inwoners. Tijdens het academiejaar komen daar nog eens dik 30.000 studenten bij. Dat levert een bruisende en gevarieerde bevolking op, maar ook een erg drukke en rumoerige stad. Bezoek Leuven dus bij voorkeur tijdens de vakantieperiodes, om ten volle te genieten van de rust en de ruimte.

5. Spookstad

In juli en augustus komt Leuven op adem, en likt ze haar studentikoze wonden. De zomer is bij uitstek het seizoen voor lange verdwaalwandelingen, zonder dat je het risico loopt uit te glijden in een ochtendlijke plas kebabkots.

De stad leuven zoals je haar niet kent

Ik heb niks verteld over de Grote Markt en het wonderlijk pompeuze stadhuis. Ik heb het niet gehad over kunstencentrum Stuk, Museum M of de Muntstraat – de Leuvense versie van de Rue des Bouchers.

Je hebt me niet horen uitweiden over Hapje Tapje of Marktrock of over de zoveelste wielerkoers die de stad in stukken klieft. Ik zeg ook niks over de kruidtuin of de universiteitsbibliotheek op het Ladeuzeplein, of over Fonske en Fiere Margriet.

Tot slot

Voor dergelijke hoogtepunten verwijs ik je graag door naar de toeristische dienst, waar men zonder verpinken met historische hoogtepunten en culinaire trekpleisters zal zwaaien. Ik zal je niet tegenhouden. Meer nog, je zal het je niet beklagen, want Leuven is prachtig.

Maar het is niet alleen de voor de hand liggende pracht waar je van kunt genieten. Rommel en lelijkheid kunnen even goed de zinnen prikkelen en de innerlijke mens verwonderen.

Goedkope sciencefiction

Er is niks zo heerlijk als het doelloos dwalen tussen hypermoderne maar volstrekt overbodige fietsparkingen, meanderende rivierarmen met boulemische eenden en verroeste winkelkarren, en aftandse oude herenhuizen waarvan er sommigen al jaren een bordje ‘onbewoonbaar verklaard’ naast de deur hebben hangen, als was het een medaille. Goedkope science fiction met trapgevels. Dat is Leuven.

Beeld: Nicole Franken

Share at:

Anderen lazen ook

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *