Brugge, tips van locals

Aantal keer bekeken:4338

Toen Villager haar Vlaamse tante vroeg tips over Brugge te geven, ontving ze kort daarop per post prachtig proza. Handgeschreven. Door een vrouw die nu in het prachtige Begijnhof woont en vandaar een wandeling uitstippelt waarop ze je meeneemt.

Brugge – “Omdat ik in Brugge, vlak bij het Begijnhof ben opgegroeid, kwam ik er in mijn jonge jaren wel eens en werd toen zo geraakt door de betoverende sfeer ervan dat ik bij mijzelf de bedenking maakte: ‘Hier wil ik later als ik oud ben wel komen wonen.’

En zie: ik keek even de andere kant op en plots was het later en bleek het leven me, tot mijn verbazing, naar het Begijnhof te hebben geleid.

Brugge tips van een local

De laatste begijntjes zijn al lang overleden en de huisjes worden nu verhuurd aan alleenstaande vrouwen om een beetje in de lijn van de traditie te blijven. De stroom van toeristen die er rondwandelen zwelt van jaar tot jaar aan, maar het Begijnhof heeft onverstoorbaar zijn ziel bewaard.

Er hangt een tijdloze rust, moeilijk te definiëren, die een bijna sacrale sfeer schept. Zelfs de schoolkinderen op klasreis vallen stil wanneer ze de grote poort doorgelopen zijn. Hier geen stilte van het “in zichzelf teruggeplooid”, maar rust midden in het leven.

Brugge rust midden in het leven

1. Minnewater

Maar laat ons even een stapje buiten het hof wagen en beginnen met onze eerste Brugge tips. Meteen rechts ligt het kalme Minnewater romantisch te wezen, met vlak daarnaast het intieme Minnewaterparkje. Omdat het parkeerterrein er vlak achter ligt, komen er tweemaal daags hele busladingen toeristen door.

Ochtends in dappere slagorde, ’s avonds schoorvoetend, beladen met tasjes bier en chocolade. En toch blijft het er onverstoorbaar schoon onder. Je kunt er zalig op een bankje een boek lezen. Op zondagmorgen beoefenen tai-chi adepten er hun hobby.

2. Monasterium de Wijngaard

Daartoe draagt ook zeker het monasterium De Wijngaard bij. Reeds eeuwenlang wonen hier in het beluik (woningen om een binnenplaats) Benedictinessen en zoals de regels van hun orde voorschrijft is er ook een gastenverblijf aan hun klooster verbonden.

De accommodatie is sober, de ontvangst warm en hartelijk en vrienden en kennissen van overal ter wereld maken er dan ook dankbaar gebruik van om enkele dagen op adem te komen of te mediteren. Sommigen komen voor een cursus kantklossen of enneagram opstellen of lezingen.

Kantklossen

Vele gasten genieten er ook van om de liturgische vieringen bij te wonen waar de zusters grote zorg aan besteden. Daarbij krijgen ze waardevolle steun van Ignace Michiels, de titularis-organist van de Sint-Salvatorskathedraal, die ook aan de hogeschool te Gent en aan het Wheatoncollege te Chicago doceert. Hij concerteert in zowat alle continenten en maakte vele cd-producties.

Hij richtte ook het vocaal ensemble de Wijngaard op en organiseert zeer regelmatig winterconcerten in de Begijnhofkerk. Hij weet daarvoor steeds een uitgelezen groep muzikanten in te schakelen zoals fluitisten of sopraan Inge Zutterman of hoornspelers.

Het programma wordt met de grootste zorg samengesteld, zodat het lijkt alsof ze speciaal voor deze plek werden gecomponeerd.

3. Stoofstraatje

Maar nu gaan we linksaf en nog steeds doet niets vermoeden dat we hier midden in het toeristisch centrum lopen, want we slaan het Stoofstraatje in, het smalste straatje van deze stad vol smalle steegjes. Maar het haalt meteen het clichébeeld van Brugge als een ingedommeld Bokrijk onderuit.

Een van mijn favoriete Brugge tips is Malesherbes met zijn Franse delicatessen, kazen, fijne vleeswaren en pareltjes van wijnen, ideaal voor een intiem dinertje ook. Met de sublieme coq au vin misschien.

De Franse joie de vivre met de Vlaamse gemoedelijkheid. We wanen ons lekker ver weg hier in het hartje van toeristisch Brugge. Maison de Steban ernaast, sluit daar mooi bij aan.

Een selectie van meer dan 200 kruiden, specerijen en aromaten van over de hele wereld worden er op zeer smaakvolle wijze gepresenteerd.

Tsjokoreeto is de winkel waar het Brugsch Swaentje te vinden is. Zoals iedere stad van standing heeft Brugge een officiële stadspraliné, ‘het Brugsch Swaentje’. Met een geheim recept waar in ieder geval voor amandelpraliné, gruut en Brugse kletskoppen een rol is weggelegd.

Middeleeuwse badhuizen

Verder is er ook mooie keramiek te vinden. Verderop kantklosbenodigdheden bij Mysico en originele mode-accessoires en exclusieve hoedjes bij The spirit of Bruges. En toch herken je hier nog de middeleeuwse badhuizen en godshuizen van het oorspronkelijke straatje.

Even verrassend is eigenlijk dat de achterkant van deze woningen aansluiten op de toeristenvallen vol prullaria, nepkant, tweederangs chocolade van de Katelijnestraat waar we nu op uitkomen.

4. Katelijnestraat

Even diep ademhalen en dan zonder kleerscheuren aan de overkant zien te komen. Dwars door de hordes toeristen die de hele straat, trottoir zowel als rijbaan in beslag nemen. We wijken nog even uit voor een wanhopige automobilist of fietser die poogt daar doorheen te komen en zijn opgelucht dat we ons doel hebben bereikt.

Want hier en daar zit toch ook een echte ambachtsman verscholen. Zoals deze andere favoriet onder mijn Brugge tips: Lady’s Chocolate, waarvan de patron zelf bijzondere truffels maakt van de zuiverste chocolade en zonder enige toevoeging van suiker, maar met de aromás van vanille of gember of champagne of groene appel of kokosnoot of… Geen wonder dat ze hun weg vinden tot in Amerika of Dubai.

Australiërs

Maar de verre wereld komt ook naar hier afgezakt. Zoals de Australiërs van Zucchero bij wie je kunt binnenkijken om te zien hoe ze de gloeiend hete basis op een plaat uitgieten en er dan echte vruchten in verwerken tot overheerlijke lolly’s en snoepjes.

5. Groeningenstraatje

Toch slaan we nu snel de hoek om. Als bij toverslag is al het volk verdwenen. We wandelen nu in alle rust en stilte door het Groeningenstraatje: de kortste weg naar het befaamde museum, met enkele charmante kleine huisjes maar ook een paar grote patricierswoningen. We lopen hier praktisch alleen. Alleen een verdwaalde rugzaktoerist en een paar paardenkoetsen kruisen onze weg.

Brugge tips van locals

Het Groeningenmuseum laten we vandaag links liggen – nu ja rechts eigenlijk- want we worden verleid door de heerlijke geuren uit Juliette’s artisanale koekenbakkerij. Je wist niet dat speculaas zo lekker kon zijn.

Er liggen nog tientallen andere koekjes naar ons te lonken: Dentelles de Bruges, die er als echte kantwerkjes uitzien, (maar vele malen beter smaken!) zandkoekjes, peperkoek met vijgen en gember, maar ook cuberdons (kegelvormig Belgisch snoepje) en macarones.

Vlamingen en Bourgondisch

Het valt me plots op dat veel van mijn adresjes met eten te maken hebben. Zou het dan toch waar zijn van die Vlamingen en dat Bourgondisch? Welaan dan, als je dan toch de naam hebt, dan kun je je er net zo goed naar gedragen ook.

We vullen dus gulzig onze tas vol lekkernijen en spoeden ons terug naar het begijnhof. Dat wordt feesten bij een lekkere kop koffie, of een glaasje wijn misschien?

Beeld: Kris Jacobs en Milo

Meer België tips? Lees ook:

Brugge in de literatuur:

Share at:

Anderen lazen ook

2 reacties op “Brugge, tips van locals

  1. Och ik word bijna sentimenteel bij het lezen van deze ode aan Bruhhe, die scone. Heimwee krijg ik naar mijn tweede grote liefde, de stad die ik 3,5 jaar geleden liefdevol geadopteerd heb (of heeft Brugge mij geadopteerd?).
    Ondertussen heb ik deze wonderschone stad alweer verlaten, maar het is inderdaad de enige stad waar ik mezelf later, als ik oud ben, wel weer zou kunnen zien wonen!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *